“Un muy poco”

tongersdei 16 jannewaris (al in wike op de Queen Anne)

It hat healwei fiven west en de oseaan is alwer in pear oeren rêstich

Justerjûn tige noflik iten mei de Britse dames Maria en Jill, ik mei Lili har jurkje en blauwe stola en swartkanten lange hanskuonnen en in wite fear op ‘e foarholle. Ik fielde my krekt in indiaan mei dy fear. Under iten siet ik mar te skuorren oan de sulveren bân mei dy fear en te seuren dat er net goed sitte woe en doe sei Maria: “You look perfectly lovely, dear, and from now on, no more complaining about feathers…’ Se sei it hiel grappich, mar se sei it. Engelsen kinne dus best wol direkt wêze dus. Hearlik sitten te kletsen. Mei froulju kinne je dochs fuort leuke gesprekken ha. Mei manlju is it faak wat formeler. Apart trouwens, yn it begjin prate ik mei folle mear manlju as de lêste dagen. It is gewoan geselliger mei froulju, as se in bytsje gewoan dogge yn alle gefallen (en it is minder bedriigjend) (en echt leuke mannen allinne ha ik noch net sjoen).

Met handschoenen aan eten is knap lastig, trouwens. Voor het verrukkelijke broodje met boter waar het diner elke dag mee begint, heb ik ze uitgedaan maar verder heb ik keurig met de lange handschoenen aan zitten eten. Ik had de etiquette er ook niet op nageslagen. Heel grappig, zo’n thema-avond. Het deed me denken aan de dorpsfeesten in Achlum. Toen ik in vol ornaat de trappen afdaalde naar De Britannia op dek 3, was er helemaal niemand en dat voelde best wel apart. Dat je door een groot buitenlands schip loopt in een kort jurkje met blote schouders en een veer op je hoofd en dat je niemand van de drieduizend mensen kent. En ik dacht ook nog: stel dat het niet vanavond maar morgenavond thema-avond is en ik loop hier zo door de gangen. Ik moet toegeven dat zo’n gegeven overeenkomt met de inhoud van mijn gemiddelde droom. Daar valt vast wat over te zeggen, maar ik ga mezelf niet nu analiseren, alleen in mijn hutje met tussen de oceaan en mij slechts een ballustrade van een meter hoog. Het volgende moment kwam ik al allemaal vrouwen tegen met haarbanden en veren en Joop ter Heuljurkjes. En voor de Britannia zat Maria met een meegebrachte vriendin, ook met een hoofdband .

We misten de prosecco! Dy hienen we krije moatten, fûnen we, as treast nei it boadskip dat we in dei letter oanlizze soenen yn NY. Sa wurde je al gau folle-easkjend! It slûpt der gewoan yn mei al dy lúkse. Op it lêst mienst dat it sa heart.

De oaren hienen noch noait meimakke dat in skip in dei letter oankaam, dus dit is net gebrûklik, woe ik mar even sizze! Wol hie ik al heard dat in skip tidens in wrâldreis yn Australië wie, dat der korona útbriek en dat elkenien sûnder pardon op it fleantúch nei hûs set waard. En oaren soenen mei it skip nei Grienlân, mar der wie sok min waar dat de liften net brûkt wurde koenen en alle minsken mei rolstuollen dus fêstsieten op harren dek; doe hat dat skip de koers ferlein en is nei Frankryk fearn en no wienen dy minsken noch altyd net op Grienlân west. Sneu!

As je sa mei-inoar yn it restaurant sitte, liket sa’n stoarm folle minder oanwêzich. Je prate en je ite en soms geane je wat op en del. Mar as je allinne op je keamer sitte, ha je der folle mear lest fan. Fannacht healwei fiven waard ik der wekker fan. It wie doe hast wynkracht 7. Safolle is dat fansels ek wer net. It hinget fan de wyn ôf wat je hearre en wat je fiele. Fan moandei op tiisdei wie it allegear echt folle minder mei dat skodzjende skip. Dochs waaide it doe lang sa hurd net as fannacht. Ik bin fannacht mar mei it thúsfront appen gien, dy sieten krekt sa’n bytsje oan de kofje.

Vanmiddag, na mijn manuscript (de Friese vertaling van het Nederlandse boekenweekgeschenk waarvan de auteur tot 12 februari geheim moet blijven) nog weer een keer door te hebben gelezen (in de Commodores Club en bibliotheek) zag ik dat ik nog net de Tea in de Queen’s Room kon halen. Het voordeel van de Tea is dat je thee van goed water drinkt. Gratis. De rest smaakt naar chloor. De laatste keer dat ik er was, was het niet zo druk, dus ik dacht dat de populariteit alweer terugliep en dat ik misschien wel een tafeltje alleen bij het raam kon bemachtigen. Maar nee! Vol! Want de pianist trad op. En die is ‘really good, you know’ . Dat hoor ik tenminste vaak bij de tafelgesprekken. En iedereen is sowieso gek op alles wat live is.

Ik ontdekte een lege plaats tegenover een man die ik er wel vaker alleen had zien zitten. Dat was niet per ongeluk, kwam ik vanmiddag achter. Met een handgebaar gaf hij aan dat ik er kon zitten. Het was een oudere man, die een beetje onderuit zat met een kaki-jasje (ook verdacht op een cruiseschip als je niet op het buitendek staat). Hij antwoordde me in het Spaans toen ik vroeg of hij in New York afstapte. Spaans! Of ik Spaans kende. O ja, natuurlijk kan ik Spaans spreken! Had ik in een nog niet zo lang geleden verleden niet elke week een avond met Jan de Jong Spaans gedaan? Al die uren konden zich nu uitbetalen (al hebben die lessen met Jan geen cent gekost) “Un muy poco” zei ik dus moedig. Nou, dat heb ik geweten. Niks geen muy poco. Na elke zin die ik er na lang nadenken uitperste kwam er zonder pardon snel en vlot een compleet Spaans verhaal. Hallo? Ik spreek de hele tijd Engels, mijnheer, niet mijn moedertaal. Ik schakel voor jou nu over naar het Spaans en dan krijg ik geen enkele consideratie in de vorm van langzaam spreken met makkelijke woorden? ‘Has dormido bien con ese viento?’ had ik al mijn Spaanse kennis bij elkaar geschraapt, maar ik zag ervan af want ik zou alleen maar een Spaanse volzinnen terugkrijgen. Barst maar. Ik ging langs hem heen door het raampje naar de oceaan kijken. En naar het scherm waar de pianist op werd vertoond. En indrukken van de omgeving opdoen. Naast me hoorde ik een ouder echtpaar tegen een vrouw zeggen: ‘Yes, he gets very good marks.’ Alle kinderen van de cruisemensen hebben uitstekende internationale banen en alle kleinkinderen doen het uitmuntend op school. Toch jammer dat de Spaanse man en ik als buitenstaanders dat niet konden delen…

‘Adios,’ groette ik hem toen ik mijn twee kopjes thee op had. ‘Bye bye’ zei hij.

En nu zit ik in mijn eentje de witte welkomstwijn van vorige week op te drinken. De fles past niet in de koffer. En zoveel is het nu ook weer niet. Zometeen aangeschoten naar het diner… goed voor mijn Engels. Of Spaans.

Vorige
Vorige

Lêste fardei

Volgende
Volgende

“Here is your captain speaking”